Magazine van de stichting Vrienden van het Boeddhisme - 3 juli 2013
WELKOM TEKSTEN ARCHIEF STICHTING CONTACT LINKS ZOEKEN
Artikelen Nieuwsberichten Beschouwingen

Het 'vredelievende' boeddhisme

Naschrift

Jelle Seidel

at wil je nou eigenlijk zeggen met dat artikel?', vroeg een niet-boeddhistische vriend me over Het ‘vredelievende’ boeddhisme. Toen het artikel op 17 april in het Boeddhistisch Dagblad werd overgenomen, volgden er meer reacties. Ze zetten me aan het denken.

Wat ik wilde zeggen? Dat ook boeddhisten – volgers van de boeddhaweg – bij gelegenheid geweld gebruiken of steunen als het om staatszaken gaat. Lees het boek Buddhist Warfare, lees de krant. Boeddhistische organisaties verwarden en verwarren de dharma vaak met staatsbelang en nationalisme. Sommige boeddhistische teksten legitimeren staatsgeweld. Misschien betreurenswaardig, maar het is wel de historische realiteit.

Het is belangrijk om scherp het politieke en maatschappelijke krachtenveld in ogenschouw te nemen waarin boeddhisten en hun organisaties moeten handelen. Het is verleidelijk, maar te simpel om een 'ideaal', moreel hoogstaand boeddhisme te construeren en de ‘rauwe’ werkelijkheid daartegen af te zetten.

De Boeddha onderwees geen sociale of politieke filosofie, maar een individuele, geweldloze levensweg. Hij moedigde – zonder hen te veroordelen – machthebbers en soldaten aan hun werk te doen met een zuivere geest en een pad te gaan van compassie en harmonie.

In het Boeddhistisch Dagblad maakte Frank Uyttenbroeck me duidelijk dat onderscheid tussen boeddhistische teksten wenselijk is. Buddhist Warfare doet dit te weinig. Ik zou de indruk wekken dat soetra's als de Satyuakaparivarta Soetra en de Gouden Licht Soetra, die in Buddhist Warfare behandeld worden, uit de tijd van Boeddha stammen. Ze zijn honderden jaren na zijn dood opgesteld. Die indruk heb ik niet willen wekken. In de Pali-canon, de eerste boeddhistische geschriften, wordt staatsgeweld nooit gelegitimeerd, verzekeren deskundigen van de Stichting VvB mij.

'De Pali-Canon geeft niet puur de woorden van de Boeddha weer, maar het toevoegen eraan is wel vrij lang geleden afgesloten, waarschijnlijk in de eerste eeuw v. Chr., toen hij voor het eerst op schrift werd gesteld op Ceylon. De Mahayana-sutra's zijn niet per se gecorrumpeerd door staatszaken, maar ze zijn niet gebaseerd op de woorden van de Boeddha. Het zijn literaire scheppingen van bepaalde auteurs uit de tijd van ontstaan. Bovendien is het schrijven van nieuwe Mahayana-sutra's en het uitbreiden van de oude tot lang na Christus doorgegaan.'

Een andere serieuze bijdrage aan deze discussie komt van de Amerikaanse journaliste en zenstudent Barbara O'Brien. Zij verzorgt de rubriek Buddhism van de site About.com. Al in 2010 schreef zij kritisch over Buddhist Warfare. Een van de redacteuren, Michael Jerryson, komt er bij haar niet goed af. Ze beschuldigt hem van valse premissen en onzindelijk redeneren.

Valse premissen als hij zegt de misvatting te bestrijden dat boeddhisme altijd pacifistisch is. Hoezo? Volgens O'Brien heeft het boeddhisme nooit pacifisme geclaimd. Onzindelijk redeneren als hij denkt dat aantoonbaar gewelddadig gedrag van religieuze groepen en personen direct bewijst dat die religie gewelddadig is. Ze stoort zich vooral aan het gesuggereerde verband tussen de terroristische acties van de groep rond Asahara Shoko en het boeddhisme. Deze terroristen verspreidden in 1995 saringas in de metro van Tokyo. Asahara Shoko haalde de Lotus Soetra aan en dat zou de link tussen boeddhisme en terrorisme zijn.

Met haar eerste beschuldiging ben ik het oneens. Het pacifistische beeld van de praktijk van het boeddhisme kom ik geregeld tegen. Verderop in haar reactie geeft ze toe dat het boeddhisme in het Westen ook wel geromantiseerd wordt. Met haar tweede beschuldiging heeft ze een punt. Maar dit soort onzindelijk redeneren is niet kenmerkend voor Jerryson, en zeker niet voor het boek Buddhist Warfare. Daarin redeneren de vele auteurs over het algemeen zorgvuldig. Het boek benadert het probleem van geweld door boeddhisten structureel, vanuit de verhouding tussen staat en sangha.

Tenslotte: het onderwerp is verre van nieuw. Op internet is dat gemakkelijk te zien. Een kleine greep uit het BOS-radioarchief: op 3 december 2011 legde Han de Wit uit dat er weinig klopt van het beeld dat boeddhisten louter vredelievende mensen zijn. Paul van der Velde betoogt op 17 maart 2012 dat de geschiedenis van het boeddhisme doortrokken is van geweld. Volgens hem hebben we de vredelievende reputatie te danken aan westerse theosofen als Christmas Humpfreys en Henry Steel Olcott. Eind negentiende eeuw ontdekten zij het boeddhisme en poetsten het op tot een ideaal gedachtegoed, waarin geweld tot het verleden zou behoren.  





Terug naar Artikelen