Magazine van de stichting Vrienden van het Boeddhisme - 9 september 2016
WELKOM TEKSTEN ARCHIEF STICHTING CONTACT LINKS ZOEKEN
Artikelen Nieuwsberichten Beschouwingen

Over nummers, vrouwen en interessante persoonlijkheidstypen

Hilde Debacker

Met de inzet en zorgvuldigheid die we van hen gewoon zijn, hebben Rob Janssen en Jan de Breet, de Nederlandse vertalers van de Pali-Canon, zich gewijd aan de volgende etappe van hun immense vertaalproject. Dit keer is het de beurt aan de Anguttara-Nikaya, de verzameling van numeriek geordende leerredes van de Boeddha, waarvan nu het eerste deel vertaald is.

k vermoed dat het geen toeval is dat de vertalers met deze numeriek geordende leerredes tot het laatst gewacht hebben. De leerredes zijn soms een aanslag op het geduld en de volharding van de lezer en dus vast ook van de vertaler. Waarom? 'Anguttara-Nikaya' betekent letterlijk: de steeds één lid meer verzameling. Deze Nikaya bestaat dan ook uit verschillende boeken met steeds een onderdeel meer in de sutta's. Zo bevat dit deel 'Het boek van de enen', 'Het boek van de tweetallen' en 'Het boek van de drietallen'. Het enige dat de sutta's in de betreffende boeken verbindt is het feit dat ze ofwel een, ofwel twee ofwel drie dingen als onderwerp hebben.

Niet verwonderlijk dat dit leidt tot een zeer grote diversiteit aan onderwerpen waarin nauwelijks enige ordening of logica te ontwaren valt. Als je het positief opvat: je weet nooit waar het volgende sutta over zal gaan, dus het blijft spannend ... Als het je even tegenzit: het is verwarrend om steeds over heel andere dingen te lezen.

Wat ook tot verwarring kan leiden is de indeling in hoofdstukken van de verschillende boeken. Ieder hoofdstuk bevat in principe tien sutta's, maar hierop zijn talrijke uitzonderingen. En de verdeling in hoofdstukken voelt vaak heel arbitrair. Soms gaat een volgend hoofdstuk gewoon verder waar het laatste sutta van het vorige hoofdstuk gebleven was.

Een bijkomende moeilijkheid is dat de opeenvolgende sutta's soms nauwelijks van elkaar verschillen. De herhaling die dit met zich meebrengt kan een ware uitdaging zijn.

Vroege Sangha
Wat is nu het meest kenmerkende van deze Nikaya? In hun inleiding schetsen de vertalers op treffende wijze de meest in het oog springende eigenschappen van de verschillende Nikaya's. Daarbij hebben de Samyutta-Nikaya en de Anguttara-Nikaya gemeenschappelijk dat ze allebei uit korte sutta's bestaan. Maar waar die bij de Samyutta gegroepeerd zijn rond belangrijke thema's, lijkt de rode draad in de Anguttara-Nikaya te zijn dat de nadruk ligt op persoonlijke vorming. In de sutta's worden vaak praktische aanwijzingen gegeven aan de beoefenaar.
De Boeddha

Zelf vond ik twee onderdelen met name interessant. Enerzijds de lijsten met typeringen van de belangrijkste leerlingen van de Boeddha: steeds wordt er één eigenschap uitgelicht waarvoor een bepaalde monnik, non of lekenvolgeling bekend stond. Aangevuld met de biografische informatie die de vertalers op eigen initiatief toevoegden, schetst dit een levendig beeld van de vroege Sangha.

Anderzijds de lijsten met verschillende soorten personen. Deze persoonlijkheidsclassificatie van mensen is veelal boeiend en vormde ook een inspiratiebron voor de persoonlijkheidspsychologie die deel uitmaakt van de Abhidhamma, een andere mand of 'pitaka' van de Pali-Canon. Zo zijn er bijvoorbeeld drie soorten personen: degenen die te vergelijken zijn met een inscriptie in steen en vaak woedend worden en de woede blijft lang hangen. Degenen die te vergelijken zijn met een inscriptie in aarde, die vaak woedend worden, maar de woede blijft niet lang hangen. Of degenen die te vergelijken zijn met een inscriptie in water en die vriendelijk en beheerst blijven, ook als zij ruw toegesproken worden; zie sutta 3.132.

Vrouwen
Wat mij raakte in negatieve zin was de overheersende houding ten aanzien van vrouwen. Het begint al goed met het eerste sutta waarin de Boeddha stelt dat er niet één andere vorm is die de geest van een man zo in beslag neemt als de vorm van een vrouw. Je voelt de bui al hangen.

Maar de uitlatingen over vrouwen bereiken een triest hoogtepunt in sutta 1.279 tot 1.283 waarin de Boeddha stelt dat het onmogelijk is dat een vrouw een heilige of volkomen ontwaakte zou zijn, noch dat ze een wereldheerser zou zijn of de positie van Sakka, Mara of Brahma zou innemen. Terwijl dat voor een man wel mogelijk is. Je kan niet anders concluderen dan dat de Boeddha – ondanks zijn ontwaken – ook gewoon een man van zijn tijd was.

Diepe buiging
Wat de tekstuitgave betreft, ook dit keer is de vertaling bijzonder verzorgd. Een uitgebreide inleiding plaatst het werk in zijn context en de weergave van de tekstgeschiedenis is interessant voor de specialist die precies wil weten op welke tekstedities de vertalers zich gebaseerd hebben. Ook deze keer is er een uitgebreid notenapparaat en in het geheel van de tekst valt nauwelijks een enkele drukfout te bespeuren.

Is er dan helemaal niets aan te merken op deze vertaling? Heel erg weinig naar mijn gevoel. Een enkele keer bleef ik haken bij de gekozen vertaling met woorden als 'noen' of 'volbewust'. En je zou je kunnen afvragen of de vertalers zich bij de indeling in hoofdstukken niet iets meer vrijheid hadden mogen permitteren. Maar dat zijn slechts minieme rimpelingen op een verder diep en helder wateroppervlak.

Een diepe buiging dus voor de volharding, toewijding en precisie waarmee de vertalers hun grootse vertaalproject verder zetten. Ze geven de Nederlandstalige boeddhistische gemeenschap en elke geïnteresseerde hiermee een geschenk van onschatbare waarde.  

Bron
Jan de Breet & Rob Janssen. De verzameling van de numeriek geordende leerredes (Anguttara-Nikaya). Deel 1. Het boek van de enen, de tweetallen en de drietallen. Bodhi, 2016





Terug naar Artikelen